Op maandag 15 november start in de rechtbank in Den Haag het strafproces tegen de vermeend betrokkenen in de fraudezaak bij Vestia die in 2018 aan het licht kwam. De zaak gaat om twee ex-medewerkers van Vestia die verdacht worden van fraude voor ruim 2 miljoen euro door het handelen met tientallen partijen uit de schoonmaak- en onderhoudsbranche via kickbacks (smeergeld).
In november 2018 vond bij Vestia een doorzoeking plaats waarbij Vestia direct werd aangemerkt als slachtoffer.

Slachtoffer van crimineel gedrag
De twee medewerkers zijn ontslagen en de samenwerking met de betrokken partijen is opgezegd. Vestia nam diverse aanvullende maatregelen en scherpte processen nog verder aan om dit in de toekomst te voorkomen. Arjan Schakenbos, bestuursvoorzitter Vestia: "We betreuren dat we slachtoffer zijn geworden van dit criminele gedrag. We zijn constant bezig zijn om onze processen en procedures te optimaliseren maar tegen deze geraffineerde manier van samenspanning met zoveel partijen blijkt geen enkele organisatie opgewassen".
Uit intern onderzoek bij Vestia bleek dat er geen huurders gedupeerd zijn in deze fraudezaak. Schakenbos: "Mocht toch aangetoond worden dat huurders benadeeld zijn, dan zorgen wij dat deze kosten aan hen terugbetaald worden".
De rechtbank in Den Haag heeft drie weken uitgetrokken om de zaak te behandelen.